Ik vroeg het me plots af op de trein. “Waarom geeft die zich zo bloot? Die weet toch dat mensen haar kennen, en dit dus kunnen lezen. ík ken haar. En ik lees het. Als ik dan allerlei dingen bedenk, over haar, over haar leven, haar lief hebben, dan doen toch al die andere lezers dat ook? Hoe moet dat zijn? Als zo iedereen een mening over je heeft, een oordeel klaar heeft?"
Ik zou knettergek worden, bedenk ik. Om dan drie seconden later luidop in de trein te moeten lachen. Om mezelf. Wat zit hoegenaamd ik hier nu te bazelen?
Akkoord, ik heb geen boek geschreven. Verre van. Maar ik schrijf toch ook? Ik ben zelf met een blog begonnen. Maar meer nog dan wat kort geblog, schrijf ik. Dagelijks. Naar hen meestal. Die cirkel mensen. Kattebelletjes in cyberspace. Gewoon. Iets laten horen. Inter-actie. Letterlijk dan. Tussen de verschillende “acties” door, toch die onweerstaanbare drang om ook nog in contact te zijn. Ik ben contactverslaafd. Of is het meer? Is het “gewoon iets laten horen”? Of is het gehoord willen worden? Beantwoord –en dus bevestigd- willen worden?
Wie ben ik dus om me vragen te stellen over Anne-Marie Cordia. Vragen die haar boekje “brieven aan mijn lieven” bij me oproepen. Omdat ik Anne-Marie “ken”, die freelance journaliste is en dus wel eens bij SBS over de vloer kwam…
Ik mocht haar niet. Afstandelijk, hautain had ik haar meteen geklasseerd. Grappig als ik dan lees in haar boekje over hoe ze zich afstandelijk opstelt bij mensen die haar intrigeren. Intrigeerde ik haar, of wat? Interesting…(en ook: even weer memorynote maken: Jess, wacht even met je oordeel over mensen, ook anderen doen zich wel eens anders voor dan hoe ze zich in werkelijkheid voelen…)
Maar dat boekje dus… in briefvorm… steek van jaloezie… briefvorm, dat was míjn idee… maar bon, Anne-Marie heeft dus brieven geschreven aan haar ex-lieven, ex-geliefden, mannen die ze iets te zeggen heeft. Om ooit die ware te kunnen vinden, gaat ze op zoek naar het antwoord op vele vragen. Wat is liefde? Wat is aantrekkingskracht? Wat is goede seks? Zijn we gemaakt om samen te leven? Veel vragen, waarop ze persoonlijke bedenkingen geeft… die ik al bij al zo slecht nog niet vind… terwijl ik tijdens de eerste 50 pagina’s nog voortdurend dacht om het boekje weer weg te leggen, ben ik daarna toch geïntrigeerd geraakt. Daar zinnen van Anne-Marie als deze voor iets tussen: “Ik denk dat mensen nooit leren in de liefde. In elke nieuwe relatie zijn we bezig de fouten te herstellen uit de vorige. Dus ben je altijd te laat. Je ziet je fouten altijd pas als een relatie gedaan is.” En omwille van dit stukje poëzie dat je kan blijven lezen:
“Aan mijn vroegere toekomstige geliefde
Ik wil je
Iets
Laten zien,
Maar niet alles.
Zeker niet alles.
Alleen mijn mooiste
Op ons juiste moment.
Alsof het allemaal heel natuurlijk en vanzelf komt.
En als je dit nu
-achteraf-
leest, hoef ik niet meer bang te zijn.”
En tenslotte ook door citaten die ze gebruikt. “Sommige mensen bereiken wat het beste is in het leven door middel van vreugde. Anderen gebruiken de pijnen. Maar het grootste deel van het mensdom gunt zichzelf het een noch het ander. En dan bereiken ze niets en laten ze dit leven slechts aan zich voorbijgaan" (Kahlil Gibran).
Dat vind ik een straffe...
Om maar te zeggen: ik zat wel “in” het boekje. En omdat ze ook zo openhartig over seks schrijft, en ik haar dus kén (nu ja, eigenlijk niet zo), zat ik dus met die vragen op de trein. “Waarom geeft die zich zo bloot?” “Hoe durft die zich zo kwetsbaar op te stellen?” Ik vind het ferm dat ze dat boekje geschreven én uitgegeven heeft. Omdat het mij leuke leesmomenten bezorgt. Maar veel meer nog, omdat het mij vragen doet stellen. Mezelf in vraag doet stellen.
En dat is vooralsnog altijd een goede zaak.
- als ik Sieg mag geloven die me dat gisteren zei, ik denk tijdens één van die “echte” interactie-momenten…
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten